Waarom er in Japan ook veel begrip is voor de moordenaar van Shinzo Abe
Morgen doet een Japanse rechtbank uitspraak in de zaak tegen Tetsuya Yamagami (45), de man die in juli 2022 op een verkiezingsbijeenkomst oud-premier Shinzo Abe doodschoot. Het Openbaar Ministerie eist levenslang. De vraag die Japan al drie jaar bezighoudt is echter niet welke straf passend is, maar waarom de moordenaar op opvallend veel begrip kan rekenen.
In de late ochtend van 8 juli 2022 klinken in de stad Nara twee harde knallen op een plein bij station Yamato-Saidaiji. Shinzo Abe, de langstzittende premier uit de naoorlogse geschiedenis, zakt in elkaar tijdens een campagnetoespraak. De dader, Tetsuya Yamagami, wordt ter plekke overmeesterd. Hij gebruikte een geïmproviseerd vuurwapen, in elkaar gezet met materialen die hij online had besteld.
De aanslag schokt Japan diep. Vuurwapengeweld in Japan is uitzonderlijk, en met een politieke moord werd nauwelijks rekening gehouden. Na enkele dagen blijkt dat Yamagami niet handelde uit ideologische overtuiging, maar uit persoonlijke wrok tegen de Verenigingskerk, die zich officieel de Familie Federatie voor Wereldvrede noemt.
Abe en de VerenigingskerkShinzo Abe was niet zomaar een oud-premier. Na zijn aftreden in 2020 bleef hij, als boegbeeld van de conservatieve vleugel van regeringspartij LDP, een van de belangrijkste politici van Japan. Minder zichtbaar, maar inmiddels uitvoerig bewezen, waren zijn banden met de Verenigingskerk, een Zuid-Koreaanse christelijke beweging die al decennia omstreden is vanwege agressieve fondsenwerving.
In 2021 stuurde Abe de organisatie een videoboodschap waarin hij respect betuigde aan kerkleider Hak Ja Han Moon. Voor Yamagami was dat een breekpunt. Op de vraag waarom hij de politicus als doelwit had gekozen, antwoordde hij: "Ik voelde wanhoop en urgentie, omdat iemand als Abe deze kerk erkenning gaf."
Aanvankelijk richtte Yamagami zijn woede op kerkfunctionarissen. Hij plande meerdere aanslagen, die telkens mislukten. Pas kort voor de moord verlegde hij zijn aandacht naar Abe, "omdat hij het gezicht was van de banden tussen de kerk en politiek".
Een ontwrichte familieYamagami's moeder trad begin jaren negentig toe tot de Verenigingskerk. Zij schonk de kerk uiteindelijk meer dan honderd miljoen yen (ruim 540.000 euro), in de overtuiging dat zij zo haar familie van verdoemenis kon redden. Haar vader verzette zich fel en probeerde haar vergeefs met dreigementen te stoppen. Na zijn dood verkocht zij zijn huis en schonk de opbrengst aan de kerk.
In 2015 pleegde Yamagami's broer zelfmoord, na jaren van conflict over de financiële verwoesting die de kerk in de familie had aangericht. Toen zijn moeder later zei dat haar donaties ervoor hadden gezorgd dat hij "in de hemel was gekomen", besloot Yamagami wraak te nemen.
Straf en begripZijn daad was "gevaarlijk, lafhartig en uitzonderlijk ernstig", stelt het Openbaar Ministerie. Dat de verdachte leed had ervaren, doet daar volgens het OM weinig aan af. "Veel mensen kennen tegenslag zonder tot moord over te gaan." Daarom eisen de aanklagers levenslang. Japan kent ook de doodstraf, maar die wordt alleen toegepast bij meervoudige moord.
De verdediging benadrukt juist dat Yamagami "een slachtoffer van religieus misbruik" is. Zijn daad was "wanhopig, niet ideologisch". Zijn advocaten vragen om een maximale gevangenisstraf van twintig jaar.
Buiten de rechtbank gebeurde na de moord iets opvallends: Yamagami ontving duizenden steunbetuigingen, geld en cadeaus. Een petitie voor strafvermindering werd meer dan tienduizend keer ondertekend. Tijdens Abe's staatsbegrafenis verschenen demonstranten verkleed als Yamagami.
In de publieke opinie wordt hij neergezet als symbool van de shūkyō nisei: kinderen die gedwongen opgroeien binnen religieuze sektes. Na de aanslag treden steeds meer van hen naar buiten, allemaal met hun eigen slachtofferverhalen.
Politieke nasleepUit mediaonderzoek blijkt intussen dat honderden politici van de LDP jarenlang steun hebben ontvangen van de Verenigingskerk, van verkiezingshulp tot steunbetuigingen. Het leidt tot het aftreden van meerdere bewindslieden. Ook deze maand laait de discussie weer op, nadat de naam van premier Sanae Takaichi meermaals was opgedoken in een uitgelekt intern document over nauwe contacten tussen partijtop en kerk.
Om de gemoederen tot bedaren te brengen grijpt de regering in met strengere wetgeving tegen dwangdonaties en een verzoek aan de rechter om de Verenigingskerk te ontbinden. Voor veel Japanners bevestigt dat juist het vermoeden dat de politiek de kerk jarenlang bewust heeft ontzien, ondanks wijdverbreide zorgen over haar donatiepraktijken.
Woensdag bepaalt de rechtbank de straf. Ongeacht de uitkomst heeft de zaak-Yamagami Japan geconfronteerd met een ongemakkelijke spanning: tussen de afwijzing van politiek geweld, en publiek begrip voor de daad.