'Tekenen van genocide in Sudanese stad Al-Fasher'
Het bloedige geweld door de Sudanese rebellenbeweging RSF in de stad Al-Fasher, afgelopen najaar, vertoont "tekenen van genocide". Dat stelt een groep mensenrechtenexperts die in opdracht van de VN onderzoek heeft gedaan naar het bloedbad.
De strijdgroep nam de stad in de regio Darfur op 26 oktober in en trok er toen drie dagen lang moordend, verkrachtend en plunderend rond, waarbij op grote schaal leden van niet-Arabische bevolkingsgroepen werden gedood. Naar schatting 6000 mensen zijn om het leven gekomen. Inwoners werden ook massaal slachtoffer van foltering, verkrachting, ontvoering en afpersing.
Volgens de onderzoekers was het wrede optreden van RSF "gericht op de fysieke vernietiging" van niet-Arabische etnische groepen. Slechts 40 procent van de ongeveer 240.000 inwoners kon Al-Fasher te midden van het extreme geweld ontvluchten, al dan niet met zware verwondingen. Maar een klein deel is opgevangen in kampen in de regio; er zijn nog talloze vermisten.
Volgens de internationale Genocideconventie, die van kracht is sinds 1951, zijn er vijf criteria die bepalen of er sprake is van volkerenmoord. Het onderzoeksteam heeft bewijzen gevonden dat de RSF zich schuldig heeft gemaakt aan zeker drie daarvan: het vermoorden van leden van een bevolkingsgroep; zware lichamelijke en geestelijke mishandeling; en het opleggen van levensomstandigheden die moesten leiden tot totale of gedeeltelijke uitroeiing van de groepen waarop ze het hadden voorzien.
Stelselmatig moordenDe enig mogelijke conclusie is dat de RSF-strijders een "genocidale intentie" hadden, schrijven de onderzoekers in het verslag dat ze uitbrengen aan de Mensenrechtenraad van de VN. Er is sprake van stelselmatig moorden, seksueel geweld, vernietiging en het openlijk oproepen tot uitroeiing van de niet-Arabische gemeenschappen in Al-Fasher.
De RSF-strijders werden daarbij aangestuurd door de top van de militie, die onder leiding staat van Hemedti, een oud-generaal van het Sudanese leger die eigenlijk Mohammed Hamdan Dagalo heet.
"De misdaden die zijn begaan in en rond Al-Fasher waren geen oorlogsexcessen", zegt de leider van de onderzoeksmissie, de Tanzaniaanse oud-rechter Mohamed Chande Othman. "Ze kwamen voort uit een geplande en georganiseerde operatie die alle kenmerken vertoont van een genocide." Dat opzettelijke element is van groot belang bij het aantonen van volkerenmoord. De onderzoekers zeggen niet ronduit dat in Al-Fasher genocide is gepleegd, omdat dat alleen door een rechter kan worden vastgesteld.
Oorlog in SudanHet genocidale geweld in Al-Fasher speelde zich af tegen de achtergrond van de oorlog in Sudan, die begon in de hoofdstad Karthoem in april 2023. Het Sudanese leger raakte toen slaags met de RSF en de strijd heeft zich uitgebreid over het hele land, wat heeft geleid tot een van de grootste humanitaire crises ter wereld.
Volgens de VN zijn er tot nu toe zeker 40.000 mensen omgekomen, maar hulporganisaties denken dat het werkelijke aantal slachtoffers veel hoger ligt. Zo'n twaalf miljoen mensen zijn in eigen land op de vlucht en verstoken van eten en medische zorg.
Voor de inname van Al-Fasher werd de stad anderhalf jaar lang belegerd door de RSF, waarbij de bevolking werd uitgehongerd en getraumatiseerd. Op het moment dat de stad werd ingenomen waren velen niet meer in staat om zich te verweren of te vluchten voor de bloeddorst van de militie.
Waar de onderzoekers spreken van "drie dagen van totale verschrikking" claimt de RSF een "historische militaire overwinning", waarbij Al-Fasher is "bevrijd" van het "terroristische islamitische leger", waarmee het Sudese regeringsleger wordt bedoeld.
Huiveringwekkende taferelenOverlevenden schetsen huiveringwekkende taferelen. RSF-strijders spraken openlijk over hun doel om niet-Arabische inwoners allemaal uit te moorden. "Zijn er Zaghawa (een zwarte etnische groep - red.) onder jullie? Als we Zaghawa vinden vermoorden we ze allemaal." En "We willen alle zwarten in Darfur uitroeien."
Verkrachting vond stelselmatig, gecoördineerd en op grote schaal plaats. Er waren veel groepsverkrachtingen, waarbij Arabische vrouwen werden gespaard. "Dit zijn slaven. Vermoord ze, roei ze uit, verkracht ze", hoorde een overlevende een RSF-strijder zeggen.
De onderzoekers waarschuwen dat er een grote kans is op meer genocidaal geweld in Sudan. "Aangezien de strijd zich heeft uitgebreid naar de regio Kordofan is meer dan ooit dringend bescherming van de bevolking nodig."