In het Noord-Ierse stadje Portadown zou gisteren een omstreden optocht na 28 jaar weer plaatsvinden. De zogenoemde Oranjemars waaraan slechts 35 leden van de protestantse, pro-Britse Oranje-orde mochten meedoen, zou gelopen worden langs de Garvaghy Road, een grotendeels katholiek gebied dat voornamelijk wordt bewoond door pro-Ierse nationalisten.
Zo'n 2000 tegenbetogers blokkeerden de route van de optocht, wat resulteerde in een urenlange patstelling, totdat de mars niet meer kon doorgaan.
Hoewel het protest zelf relatief rustig verliep, rukten veel politieagenten uit die een bufferzone tussen de voor- en tegenstanders van de optocht creëerden. De minister voor Noord-Ierland brak zijn bezoek aan een partijcongres af om naar Noord-Ierland af te reizen en de Britse premier Burnham riep alle partijen op om kalm te blijven. "Er is grote vooruitgang geboekt in Noord-Ierland en we willen niet dat de situatie achteruitgaat", zei hij.
Om te begrijpen waarom juist deze optocht zo veel spanningen veroorzaakte, moeten we eerst terug naar de vorige eeuw.
Na de onafhankelijkheidsoorlog tussen Engeland en Ierland werd Noord-Ierland deel van het Verenigd Koninkrijk. Maar niet iedereen was daar tevreden mee: er ontstond een conflict tussen de overwegend katholieke republikeinen die pleitten voor een verenigd Ierland en de overwegend protestantse unionisten die wilden dat Noord-Ierland bij het Verenigd Koninkrijk bleef horen.
Tussen 1969 en 1998 resulteerden de spanningen in een bloedige burgeroorlog in Noord-Ierland, waarbij ruim 3500 mensen om het leven kwamen en meer dan 40.000 mensen gewond raakten. Die periode staat bekend als The Troubles.
Strijd voor burgerrechten
Maar de strijd was meer dan een religieus conflict. In Londonderry bijvoorbeeld, door de republikeinen Derry genoemd, konden katholieken in de jaren 60 geen aanspraak maken op sociale huurwoningen en werden ze gediscrimineerd op de arbeidsmarkt.
Minder katholieken hadden stemrecht: om bij de lokale verkiezingen te mogen stemmen, moest men huiseigenaar zijn en de meeste huiseigenaren waren protestant. Ook werden kiesdistricten zo getekend dat de protestanten de meerderheid in het stadsbestuur behielden.
Londonderry of Derry werd het epicentrum van de Noord-Ierse burgerrechtenbeweging. In 1968 vond het eerste burgerrechtenprotest plaats in de stad, waarbij de Britse politie hard optrad. Meer protesten en rellen in Noord-Ierland volgden, met in 1969 het kantelpunt. Tijdens grote rellen in Belfast werden acht mensen gedood, 130 mensen raakten gewond.
Tegelijkertijd sloten meer nationalisten zich aan bij de Irish Republican Army (IRA), een paramilitaire nationalistische organisatie. Tussen 1969 en 1998 plaatste de IRA regelmatig autobommen waardoor tientallen mensen om het leven kwamen en honderden gewond raakten.
Op 10 april 1998 (Goede Vrijdag) tekenden de regeringen van het Verenigd Koninkrijk en Ierland een vredesakkoord over de toekomst van Noord-Ierland en kwam een einde aan de burgeroorlog.
Oranjemars wordt tegengehouden
Terug naar de Oranjemars van de pro-Britse, protestantse unionisten. De optocht leidde in de jaren 90 vaak tot geweld en werd daarom sinds de Vredesakkoorden van 1998 verboden.
Leden van de Oranjeorde, die de optocht organiseert, vochten het verbod aan bij de rechter en kregen vorige maand gelijk. De Noord-Ierse Parades Commission gaf daarom afgelopen vrijdag voor het eerst in 28 jaar toestemming voor de mars, onder strikte voorwaarden. Zo moest de optocht 's ochtends worden gehouden, mochten er maar 35 mensen meedoen en mochten er geen muziekkorpsen meelopen.
Het besluit viel niet goed bij veel lokale bewoners en zo'n 2000 tegenstanders verzamelden zich gisteren om te protesteren. De tegenstanders kregen bijval van de Noord-Ierse premier Michelle O'Neill van de Iers-nationalistische partij Sinn Féin. Zij had tegenbetogers aangemoedigd om "vol te houden" en in ieder geval tot middernacht op straat te blijven.
Nog altijd spanningen
De gemoederen rondom de parade leggen bloot hoe gevoelig de situatie in Noord-Ierland nog altijd is. Premier O'Neill zei tegen The Guardian dat bewoners een terugkeer naar de jaren 90 vreesden. Ze voegde daaraan toe dat de optocht "vraagtekens zet bij de werking van het hele vredesproces".
Aan de andere kant pleiten unionisten inmiddels voor haar aftreden. Het protest tegen de optocht was niet gemeld of goedgekeurd door de Parades Commission en de politie had de demonstranten gewaarschuwd dat ze gearresteerd konden worden voor het blokkeren van de weg. Daarom zeggen unionisten dat O'Neill en andere partijleden de wet hebben overtreden.
De Welshe politicus Chris Bryant, de nieuwe minister voor Noord-Ierland, riep op tot kalmte en drong er bij beide kampen op aan om met elkaar in gesprek te gaan.
De Oranje-orde probeerde vanochtend alsnog de optocht te houden, maar werd tegengehouden door de politie.
Correspondent Verenigd Koninkrijk en Ierland Arjen van der Horst maakte in 2023 deze video vanwege het 25-jarige jubileum van het tekenen van de Goede Vrijdagakkoorden: